Spirituele zorg en gecompliceerde rouw. A call to the field.

 

engelrand

“Die Religion des dritten Jahrtausends wird mystisch sein oder absterben.”  Dorothee Sölle

Hoe om te gaan met verlies en rouw in een samenleving waarin mensen steeds minder dan vroeger de ruimte krijgen hun eigen weg te volgen na een ingrijpende levensgebeurtenis zoals de dood van een geliefde?

Het artikel A call to the field van Therese Rando e.a. is een pleidooi om rouw als gecompliceerd transcenderend proces te leren interpreteren en begeleiden in onze maakbare samenleving voorbij de DSM 5 diagnostiek.

Het artikel van Rando is uitgangspunt van deze geaccrediteerde cursus waarbij het zal gaan over de uitdaging en kansen die deze discussie biedt aan zorgverleners.

De cursus is bedoeld om rouwen te leren begeleiden als gecompliceerd proces tussen verlies en verbondenheid.

We doen dit met behulp van Therese Rando’s rouwmodel omdat deze zienswijze mogelijkheden biedt om

  • te communiceren over verlies en rouwen als een transcenderend proces,
  • te communiceren over gecompliceerde rouw in onze maakbare samenleving,
  • te communiceren over de gecompliceerdheid van rouw tussen zorgverleners en zorgvragers.

In acht dagdelen wordt een gevarieerd aanbod gedaan over het belang van spirituele zorg, het diagnosticeren en individueel begeleiden van gecompliceerde rouw en het opzetten en begeleiden van rouwgroepen.

 

 

Waarom deze cursus?

Buiten Nederland wordt al enige jaren een levendige discussie gevoerd rond de definitie van gecompliceerde rouw. Hoewel de meeste onderzoekers niet twijfelen aan het bestaan van gecompliceerde rouw bestaat er geen enkele overeenstemming over de vraag hoe gecompliceerde rouw te definiëren en hoe het leren omgaan met verlies en rouw te begeleiden. Deze onduidelijkheid heeft gevolgen voor zowel rouwenden, nabijstaanden als zorgverleners. Het gaat daarbij over vragen zoals wat is het verschil tussen “normale” en gecompliceerde rouw, hoe lang duurt een rouwproces, hoe kan het leren omgaan met verlies zinvol worden begeleid en wie gaat dat betalen?

Op 4 vrijdagen leren deelnemers verschillende rouwmodellen vergelijken en vormen van verlies, waaronder gecompliceerde rouw op een te verantwoorden manier te observeren, diagnosticeren en begeleiden. Uitgangspunt hierbij is dat ervaringen leren delen over leven en dood alleen mogelijk is vanuit een relationeel hermeneutische benadering.

 

Voor wie

Voor Geestelijk Verzorgers en Pastores in het werkveld of in opleiding.

 

Kennismaking

Voorafgaande aan de cursus vindt een (skype) gesprek plaats om motivatie, interesse en wederzijdse verwachtingen  te inventariseren.

 

Locatie

Wibergstraat 18, Zwolle.

 

Aantal deelnemers

De cursus start bij minimaal 5 deelnemers. Maximaal 10.  Belangstellenden voor deelname kunnen zich via deze website aanmelden.

 

Certificaat

Na afloop van de cursus wordt een certificaat als bewijs van deelname uitgereikt na

  • de bestudering van de opgegeven literatuur;
  • actieve deelname aan de acht dagdelen.

 

Data

Vrijdag 26 januari, 2 februari, 9 februari, 16 februari 2018 van 10:00 – 13:00 / 14:00 – 17:00.

 

Kosten

€ 400,-. (inclusief een eenvoudige lunch).

 

Werkwijze

Van de deelnemers wordt verwacht de opgegeven literatuur voorafgaande aan een cursusdag te lezen om vaardigheden rond spirituele zorg en gecompliceerde rouw optimaal te kunnen trainen en ervaringen te delen.

Als leidraad worden delen uit Treatment of Complicated Mourning van Therese Rando en Spiritualiteit vormen, grondslagen, methoden van Kees Waayman gebruikt.

 

Door wie

Deze cursus is ontwikkeld door drs. Nieske Willems. Zij is Geestelijk Verzorger, Pastoraal werker en bevoegd leerkracht basisonderwijs. Vanaf 2003 worden door haar diverse individuele en groepsactiviteiten georganiseerd en begeleid rondom spirituele zorg, levensbegeleiding, rouw en verlies vanuit Zorgcentrum Hedera Zwolle.

 

 De veronderstelling van Karl Rahner dat het christendom van het derde millennium alleen nog maar òf mystiek òf niet-existent zal zijn, is evenwel tegelijk een eco-theologische visie.” – Dorothee Sölle.

 

Accreditatie

Deze cursus werd in 2017 door de SKGV geaccrediteerd voor 10 punten: 5 punten Spiritualiteit en bevoegdheid. 5 punten Vakbekwaamheid.

 

Programma overzicht

Dag 1   Spirituele zorg   Zin en betekenis

10:00 – 13:00   Relationele filosofie en hermeneutiek.

14:00 – 17:00   Rouwmodellen vergeleken.

 

Dag 2   Diagnostiek   Gecompliceerde rouw

10:00 – 13:00   Metafysisch mensbeeld en rouw.

14:00 – 17:00   Coping en maakbare samenleving.

 

Dag 3   Scheppingsspiritualiteit   Kosmodicee en alledaagse leven

10:00 – 13:00   Gecompliceerde rouw en onderzoek.

14:00 – 17:00   Religieuze tradities en taal, beelden, rituelen.

 

Dag 4   Morele vorming    Ik en jij

10:00 – 13:00   A call to the field.  Uitdaging Geestelijk Verzorgers en Pastores.

14:00 – 17:00   Rouw begeleiden en werkvormen.

 

 

Religieuze tradities

In Spiritualiteit vormen, grondslagen, methoden schrijft Kees Waayman over de relatie tussen de weg van Tao en het handelen van mensen:

Tao is de alles-dragende en alles-doordringende beweging, de oermoeder van het al.

Geïnspireerd door de relationele filosofie van Martin Buber schrijft Dorothee Sölle in Mystiek en verzet:

In den beginne was de relatie.

Van beslissend belang is de relatie tot de oergrond van het al. (…) iets dat ons met anderen rondom ons, voor ons en na ons verbindt.

In 1878 wordt deze relatie in het Engelse kerkleid “Breathe om me. Breathe of God” onder woorden gebracht.

 

 

 

 

 

 

Verplichte boeken
Uit: Rando, T.A. (1993). Treatment of Complicated Mourning. Illinois: Research Press. Opgegeven delen per cursusdag lezen.
Uit: Waayman, K. (2000). Spiritualiteit. Vormen Grondslagen Methoden. Kampen: Kok. Opgegeven delen per cursusdag lezen.
Uit: Stroebe, M; Schut, H; Bout, van der, J. (2013). Complicated Grief: Scientific Foundations for Health Care Professionals. Scientific Foundations for Health Care Professionals. Lezen: On achieving clarity regarding complicated grief: lessons for clinical practice, Therese A. Rando, 40–54.

Verplichte artikelen
Agrimson, B. en Taft. L.B. (2008). Spiritual crisis: a concept analysis. In: Journal of Advanced Nursing, 65 (2), 454-461.
Balk, E. (2010). Bereavement and spiritual change. In: Death Studies, 23:6, 485-493.
Blankenstein, J.H. (1968). Gezinstherapie, vanuit psychoanalytisch gezichtspunt. In: Tijdschrift voor psychiatrie. Bewerking van twee lezingen.
Boelen, P.; Prigerson, H.G. (2007). The influence of sympstoms of prolonged grief disorder, depression, and anxiety on quality of life among bereaved adults. In: Eur Arch Psychiatry Clin Neurosci, 257, 444-452.
Chen, D.-T. en Hung, D. (2008). Learning within the worlds of reinfications, selves, and phenomena: expanding on the thinking of Vygotsky and Popper. In: Learning Inquire, 2: 73-94.
Cornette, K. (2001). Zorg voor spirituele pijn. In: Tijdschrift voor Geneeskunde, 57, nr. 14-15, 1022-1028.
Dommel, C. (2004). Froebel’s potential for religious pluralism. Religion in German Early Childhood pedagogy. In: Bruce, T. (ed): Early Childhood Practice: The journal for Multi-Professional Partnership, Vol. 6, No.2,35-47.
Handelman, S. (2006). Interpretation as devotion: Freud’s relation to rabbinic hermeneutic. In: The Psychoanalytic Review. Proquest Information and Learning Company. Vol. 68, No. 2.
Harskamp, van, A. (2010). Van secularisering, seculariteit en sacralisering. In: Tijdschrift voor theologie, jrg. 50/3, 304-321.
Jolles, J. (2015). Onderwijs, hersenen en cognitie: de kloof overbrugd? In: Zin in zorg – Reliëf, Jaargang 14 nr. 3, 9-11.
Karstens, B. (2010). De mens in zijn totaliteit. De antropologische benadering in het werk van Lammert van der Horst (1893-1978). In: Studium 3, 115-129
Lobb, E. A., Rando, T. A., Doka, K. J., Fleming, S., Franco, M. H., Murray Parkes, C., & Steele, R. (2012). A call to the field: Complicated grief in the DSM-5. In: Omega: Journal of Death & Dying, 65 (4), 251-255.
Panikkar, R. (2000). Religion, Philosophy and Culture. In: Raimon Panikkar & polylog.
Pieper, J. (2012). Religieuze coping: ontwikkelingen, en onderzoek in Nederland. In: Psyche & Geloof, 23, nr. 3, 139-149.
Schaal, S. et al. (2012). Associations between prologed grief disorder, depression, posttraumatic stress disorder, and anxiety in Rwandan genocide survivors. In: Death Studies, 36:97-117.
Stroebe, M.; Schut, H. (1999). The dual process model of coping with bereavement: Rational and description. In: Death Studies, 23:3, 197-224.

Aanbevolen boeken
Berger, H. (1993). Wat is metafysica? Een studie over transcendentie. Assen/Maastricht: Van Gorcum.
Handelman, S. (2011). Make yourself a teacher, Rabbinic Tales of Mentors and Disciples. Washington: University of Washington Press.
Hermans, H.J.M.; Hermans-Jansen, E. (1986). Het verdeelde gemoed. Over de grondmotieven in ons dagelijkse leven. Barneveld: Nelissen.
Hermans, H.J.M.; Hermans-Jansen, E. (1995). Self-Narratives. The Construction of meaning in Psychotherapy. New York/London: The Guilford Press.
McGuire, M. (2008). Lived Religion. Oxford: University Press.
Smit, J. (2015). Antwoord geven op het leven zelf. Een onderzoek naar de basismethodiek van de geestelijke verzorging. Delft: Eburon.
Sölle, D. (1998). Mystiek en verzet. ”Gij stil geschreeuw”. Baarn: Ten Have.
Sölle, D. (2003). Mystiek van de dood. Baarn: Ten Have.
Wiersma, J. (2016). Bevrijdingstheologie actueel. Antwerpen/Apeldoorn: Garant.